2009-10-20 Kota Kinabalu en Sandakan

Hallo allemaal,
In het vorige verslag zijn we net aangekomen in Labuan, de enige diepzee- en vrijhaven van Maleisië. Dit is een bij uitstek geschikte plaats om onze supplies  weer wat aan te vullen. Er is een bedrijvigheid van jewelste in de haven en het is er gezellig druk.  Na een weekje houden we het voor gezien en gaan we zo’n 30 mijl uit de kust voor anker naast een rif, de Saracen bank, en we liggen daar dus midden op zee zonder land in zicht. Het water is helder als glas en we snorkelen er op verschillende plaatsen en zien prachtige en kleurige koralen. Helaas bijna geen vis te zien. Van daaruit gaan we naar Pulau Mangalu een schitterend eiland waar we gemakkelijk in een paar uur omheen kunnen wandelen. Witte stranden, blauw water, palmen, wat wil je nog meer. Nou ja gemakkelijk omheen lopen, we worden er zowat helemaal opgevreten door de zandvliegen. Kleine vliegjes maar grote bulten. Na 2 dagen gaan we eerst maar de noordelijke baai van Gaya Island, helaas liggen we daar de hele nacht te rollen en besluiten we de volgende dag naar de zuid baai te gaan. We blijven daar een paar dagen liggen totdat we de marina van Kota Kinabalu in kunnen. We gaan een paar keer naar het toeristische eilandje Sapi en we maken een mooie wandeling naar de noordbaai van Gaya.

Dan is het zover en liggen we in een van de mooiste marina’s die we in ons zeilerbestaan hebben gezien. 2 grote resorts, 3 zwembaden, een gratis bus die je naar de stad brengt, bowlingbanen, fitness ruimte, tennisbanen en een grote golfbaan (27-holes). We genieten hier enorm en iedere ochtend gaan we zwemmen in het 50-meter bad. We oefenen onze luie spieren met 20 baantjes voor het ontbijt, hartstikke lekker.
We boeken een reisje en vliegen naar Sandakan. We bezoeken het Sepilok Oerangutan centre. Helaas komen er tijdens het voedings uurtje maar 2 apen tevoorschijn en het is er zo’n toeristische vertoning dat we er niet erg van onder de indruk zijn. ‘s Middags worden we opgehaald om naar Uncle Tan te gaan. Eerst een kleine 2 uur in de bus en daarna nog een kwartier in de snelle kano en we zijn er.
De accommodatie is vrij basic, maar het is er reuze gezellig. We doen aan alle jungle activiteiten mee. ‘s Morgens, ‘s middags en ‘s avonds. We zien de mooiste vogels en heel veel verschillende apen. We slapen in houten hutjes zonder deur of ramen en er kunnen net 3 2-persoons matrasjes in. Dat is precies genoeg voor 3 stelletjes en het zijn maar twee nachten. Je bent net gewend aan de nachtelijke geluiden van de buren en je bent al weer op de terugweg. Het is onvoorstelbaar hoe scherp de gidsen kunnen zien en hoe ze allerlei dieren weten te vinden. Van grote afstand brengen ze je erheen en soms brengen ze hun boot heel dichtbij. Vaak is het dan zo dat de helft van de mensen het betreffende dier nog steeds niet ziet en zelf heb ik soms ook het gevoel stekeblind te zijn. Maar het is wel een prachtige ervaring om de Orang Utans, Makacs, Proboscus en Zilverblad apen in het wild te zien en van zo dichtbij. ’s Nachts vinden we kleurige vogeltjes bewegingsloos op een takje. Ze slapen en je kan ze van alle kanten fotograferen. De excursie van Uncle Tan is een absolute aanrader!

Terug in KK  besluiten we weer eens een motor te huren. Dat blijft heerlijk om in zo’n klimaat lekker rond te toeren. Hans en Fien besluiten dan ook hun jassen maar thuis te laten. We rijden eerst naar een bekende zondagsmarkt in een plaatsje 70 Km ten noorden van KK. We hebben prachtige uitzichten op de meer dan 4000 meter hoge Kota Kinabalu. Omdat we graag door de bergen rijden gaan we terug over Raneau waar dan toch, geheel onverwacht het weerbeeld opeens heel anders wordt. We zitten nu al aardig in de bergen en de weg blijkt over een kilometer of tachtig gerenoveerd te worden. Het regent inmiddels steeds vaker en af en toe moeten we door de blubber baggeren om erdoor te komen. Het duurt eindeloos lang voor we bij de afslag zijn waar we richting KK kunnen gaan. Op onze kleine kaartje lijkt het nog maar een paar kilometer maar bij het eerste paaltje blijken het er nog 73 te zijn. Het regent nu onophoudelijk, en hard, en we rijden 30 Km omhoog tot op 1700 meter hoogte en we zijn in- en in koud. In een restaurantje proberen we ons aan de warme chocolade te warmen. Ja, wij hadden dus wel jasjes aan maar het was toch koud, koud, koud!
Na een paar Km naar beneden ging het allemaal weer een stuk beter en terug in KK bleek daar geen druppel te zijn gevallen en was het gewoon boven de 30º C. Een week later doen we dezelfde berg nog eens en we hebben een geweldige dag. We krijgen de kans om één van de zeldzaamste planten ter wereld te zien. Een gids brengt ons bij de Rafflesia die op dat moment in bloei staat. Deze plant bloeit maat ongeveer 7 dagen waarna hij meteen afsterft. Geen wolkje deze dag gezien over eens dat de provincie Sabah veruit het mooiste gebied van Maleisië is maar het wordt voor ons langzamerhand  tijd om weer terug te gaan.
We liggen hier vrij dicht bij de Filippijnen en er zijn al een paar flinke stormen in de buurt. We varen terug naar Labuan en naar ons geliefde staatje Brunei Darusalam om daar onze diesel tank tot het randje toe te vullen. Een liter diesel kost daar 15 eurocent en een liter water 50 cent bij de pomp. We gaan met een overnachter naar Bintulu port en van daaruit ineens naar de grens tussen Maleisië en Indonesië om van daaruit ineens de oversteek te maken. Vanaf Bintulu heel de weg terug gaat er echter van  
alles fout en zit het zwaar tegen met het weer en nog veel meer. Als je jezelf nog steeds afvraagt wat een zeiler zo de hele dag doet dan raad ik je aan het volgende verslag eens te lezen en je positie thuis bij de haard nog eens te overwegen. Misschien is dat helemaal zo gek nog niet…..

Jacqueline en Rob

Laatste foto's

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer