Apr/mei/juni 2002 - Grenada

Ahoy beste mensen,

Dat is erg lang geleden. Maar we hebben een goed excuus. Onze PC was kapot. Hij was niet meer te maken volgens de Caribische experts. Maar ... we hebben het ding naar Holland weten te krijgen en mijn oud collega Marcel Nijskens heeft hem weer aan de praat gekregen. Ik mocht alleen niet vragen hoe, dus er zal wel een hamer, wat touw en plakband aan te pas zijn gekomen. Deert allemaal niet. Hartstikke bedankt Marcel!!!

Waar waren we gebleven? Nog net op Martinique waar Kees net aan de laatste alinea van zijn verslag zit te werken als de PC ermee ophoudt. Gelukkig komt dit verslag er nu dus toch nog uit. We zijn zeer benieuwd want af en toe kan hij heel aardig zwetsen.
We zijn na alles nog eens goed vol gegooid te hebben snel vertrokken en wel op 11 april. We hebben de volgende route gevolgd:

Van Martinique naar:

  • Bequia (hoort bij St. Vincent, spreek je uit als bekwee)
  • Tobago Cays
  • Union Island
  • Petit Martinique
  • Carriacou
  • Grenada
  • Isla de Margarita

Het zeilen is hier werkelijk schitterend. Altijd prachtig weer en voldoende wind. Daar kunnen we dus kort over zijn. Wel goed de riffen en ondieptes in de gaten houden maar alleen met de pilot van Doyle gaat dat meer dan prima en kan je de kosten van de aanschaf van 1001 zeekaarten in je zak houden.

Deze keer dus geen gejammer over zeiltjes, vallen, schoten, waterlijn, stagen etc.etc. Ik vertel wat ditjes en datjes die we hebben meegemaakt.

Bequia:
Samen met Alda en Bert (ja, we varen weer een tijdje samen op) een zware, lange maar heel mooie wandeling gemaakt. Heet, heet, heet! Ook dorst natuurlijk. Wij lopen een locaal tentje binnen van ong. 4 x 4 meter. Deze blijkt vol domino spelende rasta's en lokalen waarbij de stenen zo hard op de tafel worden gesmeten dat het wel een schietoefening lijkt. Wel even schrikken voor ze, vier van die gebruinde "witkoppen" maar ze zijn erg vriendelijk en de cola is lekker koud. Op de terugweg lopen we langs een mooi huis en er roept een wat oudere heer of we wel zin hebben in een lekker koud wodka-tje. Nou dat hebben we wel. Bill Sadler is een oud US-militair en oud directeur van de Canadese kustwacht. Goed pensioentje zeker want hij zat er heel aardig bij. Beetje eenzaam misschien want het vrouwtje was naar Canada. Gezellig babbelen en wodka met ijs (smaakt naar koud water en als je dorst hebt dan is een glas koud water heel lekker). De lamp ging snel uit bij Bill. Na een half uurtje ging hij eens extra lekker in z'n stoel zitten, hield de hand van Jacqueline vast, en viel in slaap. Niet meer wakker te krijgen. Toen hij daarna een enorme scheet liet en ons letterlijk in de stank zette, vonden we het tijd om te gaan. Gelukkig was er een nogal steil trapje wat we afmoesten en met al dat water (wodka) in m'n benen zak ik spontaan door m'n knieën. Na wat struikel en stootwerk vangt een stevig muurtje me op. Ik voel niets (helemaal verdoofd). Bert gebruikt al z'n opleidingen, HBO-V, en ervaring, Kempenhaege, om me weer op de been te krijgen en houdt me in een houdgreep waarbij je kunt lopen. Na wat bikke cement in een restaurantje kon ik weer zelf vooruit komen.

Op een andere dag komen we aan de andere kant van het eiland terecht bij een schildpadkwekerij. Leuk om te zien. Er worden daar zo'n 300 schildpadden per jaar in zee gezet omdat ze met uitroeiing bedreigd zijn. Ze schijnen heel lekker te zijn en ondanks het verbod wordt er nog steeds op gejaagd. Op de terugweg komen we door een kokosplantage en Bert en ik gebruiken onze laatste krachten met het verwijderen van de taaie basten en leggen een mooie voorraad aan. De dames besluiten dat we ze zelf maar baar de boot moeten sjouwen. Op Bequia kun je lokaal voor heel weinig geld heel goed eten. Wel van te voren even bespreken. We hadden samen met Alda en Bert om 19.00 afgesproken en we werden door de eigenaar zelf, naar het balkon van zijn huis gebracht.
Daar stond netjes gedekt voor 4 personen. Vooraf kregen we pumpkin soep, een soort spinazie soep, heel lekker kruidig. Daarna gegrilde vis met pasta, rijst en natuurlijk de lokale groentes. Zo was er broodvrucht, wat een beetje droog smaakte, zoete aardappel, gebakken banaan en pompoen. Het was hartstikke lekker en we hadden een mooi uitzicht op Mystique, waar we bijna het huis van Mick Jagger zagen liggen.


 

Tobago Cays:
Nog nooit zoiets moois gezien! Een paar kleine eilandjes omgeven door een enorm koraal rif. Duizenden schakeringen blauw, absoluut helder water, en een paradijs om te snorkelen. Dat hebben we dan ook gedaan. Met de hele uitrusting in de dinghy en maar duiken. Honderden prachtig gekleurde vissen, koralen, anemonen etc.etc! Dit kennen we alleen van de TV maar zelf doen is veel indrukwekkender. We verlaten hier Alda en Bert en hopen hen over een paar maanden opnieuw te ontmoeten. We moeten voortmaken om op tijd op Grenada te zijn om Carmen en Frans in te schepen.


 

Union/Petite Martinique/Carriacou/Grenada:
We varen eer naar Union Island om ons uit te klaren. Ook hier zien we weer de diverse schitterende kleuren van het water, van lichtgroen tot kobalt blauw. Je raakt er niet op uitgekeken. Van daaruit naar Petit Martinique, waar je, naar ze zeggen, goedkoop kunt inkopen. Nou dat valt wel mee. We kopen een fles whisky, wandelen door de enige hoofdstraat en vertrekken de volgende dag weer richting Carriacou. Daar klaren we in, in Hillsborough. Jeetje wat een bureaucratie. Een nogal chagrijnige beamte laat ons de papieren invullen, daarna naar de douane, daarna een stempeltje halen voor de "cruising permit", ook nog even naar de havenautoriteiten en tenslotte nog naar de immigratiedienst. Na 1 uur eindelijk de formaliteiten geregeld en ca. 45 euro lichter. De volgende dag weer verder, de hoek om, naar Tyrell Bay. Het lijkt overal uitgestorven, niet veel toerisme, er is niet veel te doen. Daarom gaan we de volgende dag verder richting Grenada. We arriveren in St. George, een lagune midden in de hoofdstad. Je ligt er rustig en het is er om te stikken. Heel af en toe komt er een rukwind, en die ene rukwind zorgde er dan ook voor dat mijn dekbedovertrek ineens was verdwenen en nu waarschijnlijk op de bodem van de lagune ligt. Het stadje is zeker de moeite waard. Echt caribisch en typisch engels met wel 10 kerken. Ze zijn er dan ook zeer vroom en de kerken zitten nog tjokvol. Je wordt wel gek van de taxibusjes, die door de hele stad door te vinden zijn. Het zijn net muizen, die uit alle hoeken tevoorschijn komen.


We hebben niet veel tijd om het bezoek van Carmen en Frans voor te bereiden. Maar uit de Pilot blijkt dat er genoeg te zien en te doen is dus dat gaat wel lukken. Rob gaat er 2 keer met zijn fiets op uit en na 3 dagen St. George varen we naar Prickly Bay.
Op 2 mei halen we Carmen en Frans van het vliegveld op en met z'n vieren en al de bagage in de dinghy naar de boot. We krijgen weer eens post en wel heel veel cadeautjes. We bezoeken eerst een aantal baaien aan de zuidkust. Het is er heel rustig maar de natuur is er overweldigend. We wandelen, zwemmen, snorkelen en genieten. Af en toe moet er ook gezeild worden en omdat dit de eerste dagen tegen de wind in moet zijn dit heftige reisjes. Het is er ondiep en er staan hoge golven. Frans is er niet echt kapot van maar later pakt hij me wel weer terug met fietsen. Daar heb ik nog een mooie story over!!
Als we een wel erg steile berg hebben uitgekozen heeft hij mij goed te pakken. Hij kan erg goed vooruit en rijdt het liefst op kop. Op een pittig stuk passeerde ik hem want dat is goed voor het (mijn) moraal. En maar stampen en zweten. Nou hoorde ik wel dat er een vrachtwagen achterop kwam die moeizaam in z'n eerste versnelling naar boven zwoegde maar lette daar verder niet op. Toen deze mij echter wilde passeren zag ik net in een ooghoek dat Frans de vrachtwagen los liet. Hij had zich prinsheerlijk naar boven laten trekken. Lekker menneke, niet? Pas de volgende dag toen ik er op terugkwam zei hij: "Vrachtwagen? Hoezo???? Och, dat was maar een stukkie".
Maar, ik blijf eerlijk, een paar dagen later, op de hoogste berg van Grenada, ging hij als een speer.
Carmen en Jacqueline gaan tijdens de fietstochten van de mannen op zoek naar de schaarse supermarkten en weten toch altijd wel weer met iets eetbaars thuis te komen. Voor Frans wordt het een kippenvakantie. Als je niet van vis houdt zijn er niet veel alternatieven.

Nadat we bijna iedere baai van de zuidkust gezien hebben varen we terug naar St. George. Volgens de boekjes kun je in het noorden van het eiland schitterende wandeltochten maken.


Vanaf national park Etang zijn we over een bepaald zware hike naar de Concorde watervallen gelopen. Eerst vanuit St. George, met de bus naar boven waar we naar een kantoortje moesten. Na een klein bedrag betaald te hebben en in het bezit te zijn van een waardeloos kaartje konden we op weg.
Het ging al gauw over van steil op heel steil. We troffen een regenachtige dag en we zaten in het regenwoud. Dubbelop dus. Voordeel was dat het minder heet was maar het was zeer glad en modderig. De klauterpartij ging over smalle paadjes, nauwe bergkammen, langs afgronden, tientalle keren over riviertjes en soms erg moeilijk begaanbare stukken. Je moest goed uitkijken en uiterste voorzichtigheid was geboden. Maar wat hebben we er van genoten! Helemaal niemand tegengekomen en een natuur om ons heen zoals nog niemand van ons ooit gezien had. We weten nu ook waar de nootmuskaat vandaan komt en we hebben onze zakken ermee volgepropt. Na ruim vijf uur ploeteren kwamen we aan bij de Concorde watervallen. We lagen wel in een deuk want van een waterval was niet echt sprake. Een piepklein straaltje liep naar beneden het meer in. Er wordt, heel verstandig, wel bijgehouden hoeveel mensen het bos ingaan en ook weer uitkomen. Vandaag vier. Na nog een half uurtje, maar nu over de harde weg, konden we weer een busje oppikken voor de terugweg naar St. George. De pils smaakte prima!

Wat we verder nog gedaan hebben valt meer onder de categorie "lekker lui". Een paar dagen strand, een wandelingetje zus of zo, direct verslag van de finale champions league gezien, een beetje shoppen, lekker eten, boekje lezen en rikken. Het etentje bij Patrick was wel noemenswaardig. Vooraf een kalaloo soepje. Als je deze groente in de supermarkt ziet denk je dat het een bosje tuinafval is. Lekker dat het is. Verder kregen we 25 verschillende soorten gerechten, typisch van het land, om te smullen. Als klap op de vuurpijl een glaasje rum achteraf. Nou dat hebben Carmen en Jacqueline mooi in de fles teruggegoten. Ook hier dreef weer zoiets als tuinafval in, maar sterk dat het was. Die stoere mannen van ons konden het weer niet laten staan, nou dat hebben ze achteraf wel geweten. We hebben vaak gezellig gerikt en meestal was het opeens erg laat!
En dan opeens, net zoals in dit verhaal, is het weer afgelopen en staan we weer op het vliegveld.

Een hand, knuffels, stevige zoenen en hier en daar een traantje. We lopen het hele eind maar terug. In de eerste dagen lijkt het erg leeg aan boord en we missen ze erg.
Ondertussen blijkt de stuuras van mijn fiets volledig verrot door zee en zout. Dat betekent in Nederland een nieuwe voorvork a 350 Euro. Op Grenada wordt het ding vakkundig gesloopt en wordt er een nieuwe as ingeperst, gelast en nog een boutje bijgezet. Samen met een nieuw balhoofdsetje en de fooi is het weer gemaakt voor 65 Euro.
We gaan weer. Grenada is gezien en Isla de Margarita roept. Volgende keer meer over dit bruisende eiland.


 

Groetjes van de Mary-Eliza...

Laatste foto's

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer