April 2004 - Galapagos

Beste landrotten en harde werkers. Eindelijk dan weer eens een berichtje van ons. We waren gebleven bij het vertrek uit Ecuador en we gaan daar weer verder.

We zeilen nog steeds in het gebied wat door kenners ITCZ genoemd wordt en dat betekent dat we weinig of geen wind hebben en dan meestal uit onverwachte richting. Het schiet dus weer voor geen meter op maar na 8 dagen komen we toch aan op het eerste eiland van de Galapagos in San Cristobal. Gelukkig zie we de grote zandbank voor de baai liggen die niet op de kaart staat. Grote brekers rollen er overheen maar wij gaan er mooi langs en we gaan tussen de andere jachten liggen. Vrijwel meteen wordt ons zwemplatje geconfisqueerd door de zeeleeuwen. Dag en nacht liggen ze erop en soms vechten ze, luid boerend tegen elkaar, voor een plaatsje. We doen de formaliteiten, betalen +/- US$120, genieten van het kleine dorp en wandelen wat af. Die paar dagen genieten we van de capriolen van de zeeleeuwen en we moeten steeds met de watertaxi naar de kant door de hoge golven die dinghy gebruik onmogelijk maken. We besluiten naar het ongerepte Isabela te gaan naar het dorpje Villamil. Ook hier is de entree onverwacht heftig. We hebben de nacht gevaren om 's morgens bij daglicht aan te komen. De golven vlak bij de kust zijn enorm en we moeten een klein gaatje hebben tussen keiharde riffen. Gelukkig zien we de boeien op tijd maar we vragen ons af hoe het moet als er echt eens wat wind staat. Ons hart klopt in onze keel maar eenmaal in de goede geul loopt alles gesmeerd. Eenmaal binnen wordt het rustig met de golven maar de dieren in de baai hebben het maar druk. Weer een hoop zeeleeuwen maar er zijn ook pinguïns en Booby's met blauwe voeten en snavels. De booby's stelen de show. Ze vliegen op 20-30 meter hoogte en schieten als een pijl het water in om een tijdje later met een visje boven te komen.


Het gaat heel hard en als je in de boot zit dan hoor je het goed als er een in de buurt in het water duikt. Er loopt nog een wandelpad over de rotsen aan de kust. We vinden er 100-den iguana's die er lekker liggen te zonnen. Deze grote hagedissen zijn het gezicht van de Galapagos en we vinden het heel bijzonder om ze in het echt te zien.

Het is een lachertje hoe de eilenden bevoorraad worden. Er komt een kleine vrachtvaarder van ver voor 1950 in de baai liggen (gaat net zo makkelijk door de nauwe pasage). Bijna alles wordt met de hand of met een klein takeltje overgeladen in kleine bootjes of bakken en dan naar de ongeveer 1 kilometer verder gelegen kade gebracht waar het spul in auto's, pickups en kleine vrachtwagentjes wordt geladen. Ze zijn er dagen mee bezig en alles gaat op z'n Ecuadoriaans. Het hoogtepunt zien we als 6 koeien in een bak staan en weer naar de boot gebracht worden waar ze met het takeltje binnenboord worden gehesen. Je kunt het je haast niet voorstellen: 6 roodbontjes in een bak met een buitenboordmotor in het blauwste water van de wereld...... We maken nog een leuke excursie naar een paar vulkaan kraters. Heel het eiland is vulkanisch en je ziet de nieuwe en oude lava overal maar boven bij die kraters was het toch wel heel speciaal. Eerst een autotocht van een uur, dan anderhalf uur op een paard en dan weer ruim een uur rondlopen. Helaas regende het pijpenstelen. We hebben alles toch goed kunnen zien en de sfeer was heel onheilspellend daarboven. Het bleef maar hard regenen dus de tocht op de paarden terug had meer weg van een glibberpartij. Jacqueline had haar knol goed in de hand en die van mij was lui en voorzichtig dus we hebben het er goed vanaf gebracht. Prachtige dag maar wel een beetje moe omdat we geen dutje hadden gedaan 's middags.

Vlak voor we vertrekken gaan we nog met een taxi mee om ergens bij een boer de laatste inkopen te doen voor fruit, groenten en een dikke kip. De taxichauffeur probeert ons nog een arm uit te rukken maar we zijn nog steeds Hollanders en we geven hem het van tevoren besproken bedrag. Ondertussen hebben we kennis gemaakt met Marleen en Wido van de "MAX" uit Groningen. Deze jonge mensen doen een rondje wereld in twee jaar! We kunnen het prima met elkaar vinden en we besluiten samen te vertrekken voor de langste oversteek die we (waarschijnlijk) ooit gaan maken. Samen vertrekken we dinsdag 20 april.

De reis over de Pacific
De eerste dagen hebben we nog steeds bijna geen wind. We moeten zorgen dat we uit de ITCZ komen en houden een iets meer zuidelijke koers aan. Dag vier en vijf zijn iets beter en dan lijkt het of we in de passaat zitten. We maken zomaar een paar dagen met dagafstanden van rond de 170 mijl. Iedere ochtend moet ik het dek rond om tientallen vliegende vissen en kleine inktvisjes van het dek te gooien. 's Nachts hoor ik tijdens mijn wacht van 00.00h tot 04.00h Jacqueline opeens gillend in haar bed. Eerst droomt of denkt ze aan een enorme kakkerlak maar er blijkt een vliegende vis precies door een klein spleetje van een raam naar binnen gevlogen te zijn. Het beestje ligt wild te spartelen vlak naast haar bed en de schubben vliegen in het rond. Ik pak hem maar gauw en gooi hem weer in het water. Jacky ligt in haar bed maar doet voorlopig geen oog meer dicht.

De Max en de M-E zitten de halve reis zo dicht bij elkaar dat we door de VHF radiocontact kunnen houden (bereik is maar 40 mijl). Helaas laat de wind ons dan in de steek en er is nog een heel eind te gaan. Veel te langzaam gaan we op ons doel af. Het geklapper van het zeil gaat door merg en been. We kruisen voor de wind en we proberen van alles om het geklapper tegen te gaan maar met hoge golven en met weinig wind precies van achteren is het een kwelling. We hebben nog steeds niet geleerd dat wat in de boeken en in de pilots staat vaak niet uitkomt. We doen ons best om het aan boord zo gezellig mogelijk te maken en we draaien trouw onze wachtjes. Dat is maar goed ook!! Je verwacht op zo'n enorm stuk water niemand tegen te komen maar niets is minder waar. We zien in totaal 6 schepen en we moeten voor een Chinees spookschip uitwijken. Van ver zagen we het al aankomen en normaal wijkt een gemotoriseerd schip uit om aanvaringen te voorkomen. Na 5 maal oproepen op de VHF (geen gehoor) en na het schijnen op de brug van het schip met een zeer sterke lamp hebben wij het roer maar omgegooid en zijn vlak achter de kont van dit schip doorgegaan. De wind blijft zwak tot we aankomen op Hiva Oa, een van de eilanden van Frans Polynesië. (NB. Zie tabel voor extra informatie over de reis.) Dit hebben we nog nooit gezien. De grillige skyline en de puntige rotsen zie je alleen op plaatjes. We zijn erg onder de indruk als we de baai van Hiva Oa invaren. We zien een paar bekende boten, er wordt natuurlijk flink gezwaaid, en we leggen de M-E tussen twee ankers achter in de baai. Na precies 24 dagen continue op de boot moeten de beentjes nodig gestrekt worden. We gaan enthousiast de drie kwartier lopen naar het dorp aan in de hoop daar de langverwachte baguettes te vinden. Jammer en helaas. Het meel is op! Dan maar even naar de gendarmerie voor de formaliteiten. Dat is zo gebeurd en omdat we zo'n dorst hebben kopen we voor de terugweg een fles Cola. US$ 4,60!!! 1,5 liter!!! Het is niet te geloven welke prijzen hier gehanteerd worden. Wij gaan hier niet veel kopen.

De volgende ochtend komt ook de Max binnen en komen vlak bij ons liggen. De wegen zijn goed en om de stijve spieren weer eens wat te gebruiken fiets ik een uur bergop om het huis van Jacques Brel te bezoeken. Het uitzicht is formidabel maar ik voel me gesloopt. Bij terugkomst komen al aardig wat golven binnen de baai maar er is nog niets aan de hand. Dat is de volgende dag, al heel vroeg, wel anders. Grote joekels komen de baai in en omdat wij achteraan liggen, in het ondiepe gedeelte, bouwen de golven nog meer op. Er wordt flink aan ankerkettingen gerukt, onze Franse buurman moet herankeren en de Max verspeelt zijn hekanker. Het is gevaarlijk en we willen allemaal zo snel mogelijk weg. We zoeken nog een tijd naar het anker maar het is helaas niet meer terug te vinden. We gaan met een paar schepen naar Tahuata. Dat is maar 10 mijl en we liggen aan een palmenstrandje. Wat is het hier mooi en wat liggen we hier lekker rustig. Hier gaan we eens lekker een paar dagen uitrusten. Een paar mijl verderop ligt nog een baai met een klein dorpje. We leggen de M-E daar voor anker en we bezoeken deze piepkleine nederzetting. De mensen zijn heel vriendelijk en spelen petanque. Op de terugweg krijgen we van iemand een hele lading pompelmoesjes en dit fruit is heerlijk.

Helaas is het tijd om afscheid te nemen van Wido en Marleen. Ze gaan sneller door dan wij en wij willen eerst nog naar Ua Pou en Nuku Hiva voordat we de 500 mijl naar de Tuamotu's gaan varen. Dat is toch een vervelend ding in het zeilersleven. Goede vaart Max!

In Oa Pou liggen we maar met twee schepen in de baai. De rotsformaties zijn de mooiste die we gezien hebben en we hebben een paar dagen plezier met Xavier, een oud leraar Engels voor de Franse overheid. Hij vertelt hoe het allemaal reilt en zeilt op de eilanden en Jacqueline wordt ondertussen opgevreten door de nono's (stevig doorbijtende mugjes).
De oversteek naar Nuku Hiva was pittig met 20-25 knopen aan de wind maar op het moment van schrijven liggen we weer in een prachtige baai, voor een alleraardigst dorpje en we hebben iedere ochtend heerlijke baguettes. We wachten nu op wat beter wind en dan gaan we er weer een paar dagen tegenaan naar de Tuamotu's. Dit is een groep atols al aardig in de buurt van Tahiti. Maar, daarover een volgende keer meer.


Groeten en kussen van Jacqueline en Rob

Laatste foto's

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer