5 februari 2003 - Tussenstop in Nederland

We vertrekken rond het middaguur met een redelijke wind vanuit St. Georges Grenada richting Margarita.We gaan als een speer, maar rond 23.00 neemt de wind behoorlijk af en moeten we zelfs de motor aan zetten. Daarom arriveren we pas laat in de middag in de baai voor de stad Porlamar. Een hele openbaring, hoge flatgebouwen en hotels en een strak blauwe hemel. We zijn toch wel moe en besluiten die avond nog maar niet de kant op te gaan. De volgende ochtend zijn we er vroeg bij en gaan met onze scheepspapieren en paspoorten de kant op om ons in te laten checken. We komen terecht bij Juan, een Chileen van rond de 50, die perfect Engels en Frans praat. Hij heeft een beetje een schorre stem maar dat komt waarschijnlijk door de whisky en de sigaren. Het is zaterdag, dus inchecken, vergeet maar. Geen enkel probleem we kunnen dat ook maandag doen. Wat een verschil bij de andere eilanden, uitgezonderd Martinique. Al was je ook maar een uur te laat dan kreeg je al een boete. Juan vertelde ons ook wat we wel en niet moesten doen. Onze dinghy, bijboot, (webmaster: hehe, eindelijk weten we nu wat een dinghy is...:-) altijd op slot doen en niet in het water laten liggen. Geef ze vooral niet de gelegenheid, en ga niet met waardevolle spullen de stad in. We waren al goed voorbereid dus we gingen maar meteen de stad in. Er ging een wereld voor ons open. Mooie mensen, het Zuid-Amerikaanse temperament zit er hier al goed in. Van alles te koop, van korte broeken tot oud Amsterdam, de kaas waar Rob een jaar op heeft moeten wachten. En dan de prijzen, je begrijpt af en toe niet dat ze voor dat geld iets kunnen maken. We hebben ons lekker verwend op een terras met vers uitgeperste limoen sap en eens even de tijd genomen om goed te blieken. Van alles komt er langs, van arm tot rijk een hele bezienswaardigheid. De eerste twee weken hebben we ons bezig gehouden met het verkennen van de omgeving. Rob is er een paar keer op uitgetrokken met zijn fiets en Jacqueline heeft zowat alle winkels van binnen en buiten gezien. We moesten immers goed voorbereid zijn op het bezoek van Rita en Hans.

En daar was de dag dan 12 JUNI 2002.
We hadden met de reisorganisatie afgesproken dat we mee konden rijden naar het vliegveld. We hadden die morgen eerst de ijskast op hun hotelkamer vol gestouwd met bier, want ze zouden wel dorstig zijn. Rond 13.00 werden we bij Margarita Villages opgehaald richting vliegveld. Natuurlijk had het vliegtuig weer eens vertraging, maar de polar, het plaatselijke bier, smaakte goed en was ijskoud. Ca. 17.00 landde het vliegtuig en ging er toch wel veel door me heen. Een jaar was het geleden dat we elkaar gezien hadden. Dat is toch niet niks. Het weerzien was dan ook weer te gek. Rita was blij dat ze het vliegtuig uit was en een sigaretje op kon steken. We konden helaas niet samen terugrijden naar het hotel omdat de organisatie er toch een beetje moeilijk over had gedaan. We konden met Tanja, een hostess mee terugrijden. Ze was na lang rondreizen in Venezuela terechtgekomen, en had dus nu ook een Venezolaanse vriend. Ze vertelde ons dat de salarissen echt belachelijk laag zijn. Haar vriend is bouwvakker en verdient ca. 4 EURO per dag. Nou zie daar maar eens van rond te komen. Vandaar de grote armoede in dit land. Maar toch blijven de meeste mensen er erg vriendelijk onder en is het een genot een mooie glimlach van ze te ontvangen.

Rita en Hans waren al op hun hotelkamer toen wij er aankwamen. De lange broeken en sokken werden uitgedaan, de witte benen kwamen tevoorschijn en de vele cadeautjes, brieven en kaarten werden uit de koffer gehaald. We gingen die avond met volle tassen terug naar de boot, waaronder ook de gerepareerde PC. Een raar gevoel dat we alweer afscheid moesten nemen, maar het was gelukkig maar voor een paar uur. We hebben met z'n vieren een hele fijne tijd gehad, veel gedaan en veel gezien. Dan kun je toch wel merken dat we al een jaar weg zijn en al flink onthaast zijn. Ons tempo ligt al een behoorlijk stuk lager als toen we vertrokken. We zijn vaak in het centrum van Parlamor, zoals Hans Porlamar altijd noemde, geweest. Winkeltjes bekijken, broekjes passen, op z'n tijd een polar etc.etc. We zijn vaak bij Jacks geweest. Een café/restaurantje vlak bij de ankerplaats, waar je spotgoedkoop kunt eten en/of drinken. Het is ook een soort ontmoetingsplaats voor de zeilers, dus je hoeft er je nooit te vervelen, altijd buurt genoeg. Wel veel Amerikanen, dus veel Engels praten, maar kei gezellig al die mensen.

Hans en Rob zijn een paar keer wezen fietsen. Één keer naar Playa El Agua waar de dames per bus naartoe zijn gegaan. De ontvangst met een drankje en een hapje was geweldig en de middag aan het strand ook. Altijd leuk om naar toeristen te kijken en zeker als ze in de veel te kleine badpakjes rondlopen. Op de terugweg moest er een paar keer flink geklommen worden maar gelukkig was het niet meer zo heet dan 's morgens.
De meeste toeristen gaan met een eilandtoer mee met een organisatie of een ander georganiseerd toertje. Kosten zijn dan meestal rond $20 pp. Wij niet dus! In het centrum van Porlamar zien we wel de meest lelijke, grote Amerikaanse bak die we ooit gezien hebben. Er staat ook nog een klein bordje TAXI op. Na enig onderhandelen met Aguilo, de chauffeur, maken we een deal voor $30 een hele dag met ons vieren. Het werd een prachtige dag, we hebben van alles gezien, heerlijk relaxed in de 5-liter Ford V8, en veel indrukken opgedaan. Aguilo had de dag van z'n leven want inclusief de fooi had hij nog nooit zoveel verdiend op een dag, was hij nog nooit zover van huis geweest en kreeg hij verder nooit pilsjes onder zijn werk laat staan de enorme vis die we voor het diner kregen.

Omdat we toevallig toch de beschikking hadden over een zeiljacht besloten we ook maar eens een lang weekend te gaan zeilen. Volle tassen met 17 broekjes, 38 shirtjes (allemaal in een ander dessin), 9 badpakken (allemaal net iets te klein) en veel rotzooi worden via de dinghy jaja... aan boord gebracht. De reis gaat naar Coche, een eiland ten zuiden van Isla de Margarita. Met een heerlijk rustig windje van achteren (achterlijk windje voor de zeilers onder u) brengt onze nieuwe stuurman Hans ons keurig op onze bestemming. Het is daar erg rustig want er wonen bijna geen mensen. Alleen in het weekend komen er wat toeristenboten die er stoppen om de mensen wat te laten zwemmen en op het strand te rommelen. We genieten van de rust en als we zomaar wat met de dinghy rondvaren zien we opeens een leuk restaurantje aan het water. We hebben er heerlijke hapjes geserveerd gekregen en de Polar was koud. Wat een verrassing. Op de terugweg, de wind was inmiddels opgestoken en stond pal tegen, zijn we allemaal zo nat geworden dat niemand nog een droge draad aan zijn lijf had. Flinke golven kwamen over en we hadden de 10 pk nodig om weer terug te komen. Maar ja, met een temperatuur van rond de 30 ºC is dat allemaal niet zo erg en we hadden shirtjes genoeg aan boord. Op de terugweg naar Porlamar met wind tegen kon Hans opnieuw zijn stuurmanskunsten laten zien door scherp aan de wind en in één slag precies op onze ankerplaats uit te komen. Gelukkig gingen de tassen ook weer mee van boord.

En dan is het opeens 24 juni en wordt onze Jacqueline 40. Ze heeft hier tegenop gezien als een huis maar op de betreffende dag zag ze er nog precies uit als de dag daarvoor. Slingers hangen door de boot en er zijn kleine cadeautjes. Als R&H later komen met nog meer slingers en versierselen, cadeautjes en GEBAK, dan kan het allemaal niet meer kapot. Overal hangen foto's en 40-40-40 erop zoals in Jack's restaurant, op de dinghy dok en bij de taxi's. Jacqueline geniet ervan en 40 worden valt eigenlijk wel mee. Na de middag doorgebracht te hebben in de hoofdstad Assuncion zijn we 's avonds in een Paradillo gaan eten. Het was voortreffelijk al is een lomito (biefstuk) van 800 gram pp wel een beetje groot. Opeens is de dag van afscheid al weer daar. We gaan naar het hotel van R&H om daar afscheid van ze te nemen. Tranen, tranen een kus en een knuffel, een ferme handdruk, in de bus en weg zijn ze. Van pure gekte stappen wij in de verkeerde bus die ons via Pampatar, Sambil, Los Robles en weet ik waar we allemaal geweest zijn naar het centrum van Porlamar brengt. We willen hier helemaal niet zijn maar de brave chauffeur berekend voor ons samen maar het bedrag van 35 Eurocent voor de rit. We gaan naar een internetcafé en daarna naar Jack's om ons gemis van ons af te praten.

We blijven nog een paar weken liggen om de voorraden aan te vullen en ons klaar te maken voor een rondje Margarita. We spreken af met een Engelsman, Les, die vaart op de Cassotis om dit rondje te maken.

Volgende keer een verslag van dit rondje.

Groetjes,

Jacky en Rob

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer