20 november 2001 - St. Lucia en Martinique

Dat we niet erg snel hebben gevaren blijkt uit de aankomst van de Sparkling Too die een halve dag later binnenkomt. Het scheepje is een stuk kleiner maar wij zijn dan ook wel erg ver omgevaren in de hoop wat wind te vinden. (En Rene is gewoon een goede schipper die recht op z'n doel afgaat) . We willen allemaal graag naar huis bellen maar St. Lucia heeft een heel eigen mobiel systeem dus van mobiel bellen is geen sprake. Met een telefoonkaart blijkt het 10 EC-Dollar ( 1 ECD = 1 Gulden) per minuut te kosten dus dat werkt ook niet soepel. We gaan dus met Gerrie en Rene richting Martinique varen tot we in bereik zijn met ons mobieltje. Gelukkig staat er een flinke windkracht zeven!!! Dus dat schiet lekker op. Rene wil zo te zien ook een Malö want hij vindt het zeilen met onze boot prachtig. Gerrie moet af en toe even slikken want het gaat inderdaad nogal heftig maar we overleven het allemaal goed en je moet wat overhebben voor het thuisfront. Vlak bij Diamand Rock leggen we de boot bij (bijleggen is een beetje dobberen en zo min mogelijk van je plaats komen) en er wordt gebeld. De kerels ieder 5 minuten en de dames hebben er voor gezorgd dat we pas 's avonds in het donker terug waren.

St. Lucia is geweldig mooi. Al gauw zit ik op mijn fiets en ga het eiland exploreren. Gelukkig krijg ik op een gegeven moment in de gaten dat er links gereden wordt en ga aan de andere kant van de weg rijden. Maar wat ik te zien krijg is werkelijk prachtig! De soms zeer steile wegen brengen me snel naar een behoorlijke hoogte en de uitzichten over de baaien en valeien met grote bananenplantages zijn fantastisch. Maatje Rene die ik wel eens meeneem op deze tochten moet af en toe zwaar puffend even gaan zitten, want de hitte is enorm, maar hij klautert verder dapper mee en behalve van het zware "afzien" geniet hij er ook van. De dames wandelen ondertussen op hun gemakje door de bananenplantages en zien eigenlijk helemaal niets omdat ze zo druk aan het babbelen zijn. Omdat beide schepen het water uitmoeten voor een behandeling van de onderkant omdat die helemaal aangegroeid zijn met zeepokken, lange slierten wier, bossen hout en nog een aantal nieuwsoortige aliens, zijn we op zoek naar een werf om de klus te kunnen klaren. We wisten al dat men op St. Lucia helemaal de weg kwijt is geraakt wat betreft hun prijskaartjes maar het loopt nu naar het belachelijke. Een potje antifouling, de verf voor onderwater, kost hier Fl 800 voor een liter of drie. En ik heb twaalf liter nodig. We besluiten de hele zeewierwinkel nog maar een tijdje met ons mee te slepen. Op dezelfde dag krijgen we nog een ander voorbeeld van Luciaanse praktijken. Tijdens de laatste afdaling begon het opeens hevig te regenen. Gelukkig konden we schuilen onder het golfplaten dak van een dranktentje langs de weg. Toch maar even een biertje want we hadden er al een kilometer of 50 opzitten. Toen de bui over was en het biertje op wilde Rene even afrekenen. Eén van de jongens achter de bar rekende heel vlug 2 X 2 EC-Dollar = 4 ECD. Rene gaf 5 ECD maar na enig overleg achter de bar (twee planken) kreeg hij niets terug, nee, hij moest opeens nog bijbetalen. Het moest nu 8 ECD zijn en nadat een chagrijnige dame zich ermee ging bemoeien waren het 10 ECD. Nou, je had dat bolleke van Rene eens moeten zien opzwellen. Maar goed, om een heel lang verhaal wat korter te maken, we hebben de hele zaak afgekocht en weten te sussen voor 6 ECD. Ach, en voor die twee dollar heb je toch een mooie herinnering, niet dan...Rene? Wat mij betreft kwam het hoogtepunt een dag later toen ik met een zakje vuilnis naar de vuilcontainer liep. In alle boekjes en geschriften wordt gevraagd vooral niets in het water te gooien maar in Marigot Bay moet je voor een zakje vuil een dollar betalen als je hem in de container doet. Er zitten daar een aantal boatboys en anderen die hun prullaria aan je willen verkopen en een van hen begint heftig tekeer te gaan tegen me. Hij wil een dollar. Ik vraag hem nog netjes wie hij is en in welke functie hij was etc. Hij begon nu echt tegen me te schreeuwen. Daar krijg je mij dus weer mee over de rooie. Heerlijk om je adrenaline in grote gutsen door je lichaam te voelen stromen. Om escalatie te voorkomen heb ik het zakje weer mee teruggenomen en heb het geheel gratis in Castries in een vuilcontainer gestopt. Die dingen staan trouwens het hele land door en iedereen gooit zijn rotzooi zo'n beetje in de richting van een bak.

We gaan richting Martinique om daar eens te kijken.
Na een mooie overtocht komen we aan in Marin. Het is hier zo ver van huis gewoon Frankrijk! Iets meer rasta's en iets warmer misschien maar alles op z'n Frans. De blanken en de autochtonen zijn hier veel meer geïntegreerd en er heerst orde maar dan wel met een grote franse slag. Wat ons direct opvalt is dat er alles te koop is tegen redelijke prijzen. Weliswaar nog altijd een stuk duurder dan Nederland maar spotgoedkoop t.o.v. St Lucia. Er zijn heerlijke baguettes, kaasjes, wijntjes, lekkere dingetjes en alles voor de boot is er te koop of zijn er werkplaatsjes die het voor je kunnen maken. Ik heb het meteen gezien. Hier gaat ons schip de kant op en hier wordt de onderkant gedaan. Hier zijn we voor de antifouling 350 Euro kwijt dat is een kwart van de St. Lucia prijs. Er wordt groots ingekocht en we gaan terug naar St. Lucia om samen met Gerrie en Rene, die inmiddels hun ouders van het vliegveld hebben opgehaald, de kerst te vieren. Ze hebben in de Shack in Marigot Bay gereserveerd en we hebben een heerlijke avond en we worden verrassend goed gevoerd met heerlijke gerechten. Kerst is hier helemaal niets en de sfeer ontbreekt ten enenmale. Af en toe zie je een gekke zwarte, met een rode muts op, luid HOHOHOOOO roepend, keihard voorbij scheuren in een snelle motorboot. En een huis ergens boven ons heeft een palmboom helemaal in de lichtjes staan. En dat is het.
Onze verhalen over Martinique hebben indruk gemaakt. We gaan er met z'n allen naartoe om nieuwjaar daar te vieren. We gaan eerst naar Rodney bay. Vlak voor de haven varen we op de motor de zeilende Sparkling Too voorbij. Het zijn daar allemaal fanatieke zeilers aan boord. Enigszins verwijtend werd later dan ook gevraagd waarom wij motorden. Wij legden uit dat we het stukje hadden gezeild maar er niet zoveel zin in hadden om overstag te gaan. Of er een dominee voorbij kwam, dat zeg je niet tegen zeilers.
De nieuwjaarsfuif in de Mango bar te Marin was geweldig. Een man met een heel orkest in z'n orgel en een prachtige hoogzwangere zangeres verzorgden de avond. Het eten en de drankjes waren best en we hebben op de tafels staan dansen. De 1e januari was zoals altijd iets minder maar dat was het allemaal best waard. Terwijl de ouders weer richting vliegveld gebracht worden gaan wij Martinique verder verkennen. We gaan naar het westen en bezoeken Petit Ans 'D Arlet en Gand Ans D'Arlet. Heel leuke plaatsjes met fijne restaurantjes. Daarna naar Mitan en naar de hoofdstad Fort de France. Daar is weer van alles te zien en we lopen er heel wat af op zoek naar allerlei winkeltjes. Om onze afspraak na te komen moeten we weer snel terug naar Marin en ons schip gaat in de takels en krijgt een plaatsje op de scheepswerf. Er wordt gekrabd en met hoge druk gespoten en de onderkant wordt voorzien van twee spiksplinternieuwe lagen antifouling. We werken ons een bult maar het resultaat mag er zijn. Eenmaal weer in het water blijkt het schip veel sneller te lopen en we zijn tevreden. We rusten wat uit en gaan nog eens lekker uit eten met onze vrienden. Onze wegen gaan zich voor minstens een half jaar scheiden en we maken er een leuke avond van. Het orkestje wat er speelde kon wel wat versterking gebruiken dus ik heb mijn saxofoon even gehaald om mee te spelen. Hartstikke leuk om na zo'n lange tijd weer eens iets aan muziek te doen en we hadden de grootste lol.
Nadat we een bevestigend telefoontje hadden van onze eerste bezoekers, Carmen en Frans, zijn we dagen op en neer gegaan naar de locale supermarkten. Alles moet met het taswagentje en via de dingy aan boord gesjouwd worden. Maar we krijgen het zover dat het schip helemaal scheef hangt van de zware lading. We tellen de dagen af want het vooruitzicht van de gasten brengt ons in alle staten. We gaan nog een paar dagen naar St. Anne en vertrekken op tijd naar St. Lucia om ze op te pikken.

"Klein leed"

Onze reis naar het uiterste zuidelijke puntje van St Lucia gaat niet bepaald gemakkelijk. Als we op weg zijn van Rodney bay, via Marigot bay naar de Pitons gaat alles prima. Daarna krijgen we nog een tiental mijl een forse wind recht op kop en de golven spoelen over dek. Uiteindelijk op de ankerplaats aangekomen blijken er enorme windvlagen uit alle richtingen te komen en maken het leven aan boord niet al te makkelijk. We wandelen al vast een keer naar het vliegveld om te checken of alles nog volgens planning verloopt. Meteen krijgen we een taximan aan ons broek en we spreken af dat hij ons de volgende dag met ons vieren zal vervoeren. Hij was erg vriendelijk en we kregen zelfs een free ride back. Op de dag van aankomst zetten we de hele boot op z'n kop. Er wordt gepoetst en veel dingen krijgen een nieuw plaatsje. Van binnen en buiten worden de vlaggen, vaantjes en slingers opgehangen, de champagne staat koud en de glaasjes staan klaar. Om 16.15 gaan we weer op weg om de straffe wandeling naar het vliegveld te doen. Vlak voor het vliegveld komen we Alex, onze taximan, tegen met de mededeling dat het vliegtuig niet om 18.00h maar om 21.00h komt i.v.m. een mechanische storing. Wederom biedt hij een free ride aan maar we besluiten op het vliegveld te wachten. Na een uurtje wat rondgehangen te hebben horen we opeens over de omroepinstallatie roepen dat Rob Sterenburg naar de tourist information desk moet komen. We dachten meteen dat Frans even zou bellen dat ze iets later kwamen. Maar wat zegt de aardige dame? "Mr. Sterenburg, Fran van Dommel is not on the flight." Ik vraag nog ongelovig of z'n vrouw er dan misschien op zit. De dame is echter heel zeker, "ze zitten er niet op". We geloven het niet. Jacqueline is helemaal van slag en in de war. Zoals bekend is het bellen op St. Lucia een crime dus kopen we maar vast een telefoonkaart Ik weet het verder ook niet meer en besluit dat we de stevige wandeling maar terug moeten doen om weer een beetje bij onze positieven te komen. Niet zo'n goed idee want Vieux Fort is zo crimineel als de nacht. Gelukkig stopt er een wagentje bestuurd door een alleraardigste non. Dat hadden we nu net nodig. We storten onze harten uit en professioneel wordt er geluisterd. Dat lucht op, al is het maar voor even. Ze brengt ons voor de poort van de haven want het is absoluut niet vertrouwd om op eigen houtje daar rond te lopen zegt ze. We gaan de boot op en zoeken Frans' telefoonnummer op waarna we weer op het haventerrein kunnen bellen. Zijn moeder moet geopereerd worden en hij wil daarbij zijn. Zijn keuze daarin respecteren we. We zijn echter geheel de weg kwijt en gaan verslagen terug naar de boot. Geen mensen waar we zo lekker mee kunnen kletsen, geen post met langverwachte brieven van de ouders, geen bestelde artikelen, geen onbetaalde rekeningen, en we betalen dit jaar maar geen belasting. Jacky is de glaasjes maar op gaan ruimen en ik heb alle feestelijke versierselen meteen weggehaald. Langzaam komen er weer enige levenstekens en om niet in een weeklaag te verdwijnen zijn we een potje gaan Yatzee-en maar echt helpen deed het niet. We liggen nu weer in Rodney bay bij te komen van deze tegenslag. We gaan weer snel naar Martinique en we proberen onze gedachten weer op de toekomst te richten.
Binnenkort, 22 maart, komt Kees de broer van Jacqueline. Daar kijken we nu met dubbele belangstelling naar uit.

Laatste foto's

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer